maandag 30 december 2013

Eindejaarsgevoel


2013 was een mooi jaar, een jaar dat al meteen zo eervol begon, een jaar waarin we weer even terug waren in het paradijs, vlak bij het strand van Monsieur Hulot, een jaar waarin ik eindelijk, na zes jaar dat affiche mee mocht nemen, gesigneerd door de schilder op zee, een jaar waarin we meezongen met Willeke in het Vondelpark en genoten van het Concertgebouworkest op de Prinsengracht, met als absoluut hoogtepunt de vertolking van de Puccini's 'Nessun Dorma' door Joseph Calleja, een jaar ook waarin we voor het laatst genoten van ons mooie strand, waar ze nu een meer dan overdreven dikke dijk van zand en beton langs leggen, een jaar van gezelligheid in gastvrij Friesland, een jaar waarin we de paus gezien hebben, én gehoord, in mooi Rome. 2013 was ook het jaar waarin ik weer even terug was in m'n oude school, in het filmzaaltje, het was een jaar dat niet zo goed eindigde voor Zorro. Maar misschien zijn we op de een of andere manier toch nog op tijd. We blijven daarom hopen en bidden, ook in het nieuwe jaar. Want 'het enige wat je kan doen, met dieren zowel als met mensen (...), is naar ze kijken terwijl ze nog leven, naar ze kijken en ze tegen je aandrukken'.

vrijdag 27 december 2013

Zorro wordt oud (2)


Waar hij ook graag water drinkt, is uit het gootje op het balkon. Daar stroomt altijd water door als de olijfboom water krijgt. Niet veel mensen weten dat je een olijf, vooral 's zomers, iedere dag flink moet begieten. Het is een plant uit warme streken die, in tegenstelling tot wat je zou denken, juist veel water nodig heeft. Zorro vindt vooral dát water reuze-interessant en smakelijk. Als de olijfboom water krijgt, zit ie keurig bij het gootje te wachten tot het daar, gefilterd door de olijfbomengrond in terechtkomt. Het is zíjn olijfboom. Hij heeft hem gekregen toen Beer doodging. Hij mag er graag onder zitten, ook op een plankje. Het zit vastgespijkerd op de leuning van een bankje en zit er al wat langer dan het plankje op de verwarming, vanaf dat de olijfboom er staat, in maart alweer drie jaar geleden. Door het plankje kan ie goed bij de takken. Zo'n boompje kan heel wat hebben hoor, als je het maar water geeft.

NB: Het bericht hierboven is inmiddels achterhaald. Sinds dinsdag namelijk weten we waarom Zorro zoveel water drinkt. Hij heeft het aan z'n nieren. Maar of dat ook al zo was de afgelopen zomer toen hij het gefilterde water van de olijf dronk, weten we niet. De zomers ervoor deed ie dat namelijk ook al, zoveel drinken. Maar de laatste anderhalve maand bij de kraan wist ie niet van ophouden. En ook z'n drinkbakje in de keuken raakte veel te leeg. Gelukkig was er Josine die riep dat we misschien eens met hem naar de dokter moesten. Uit het bloed dat bij hem is afgenomen, is nu naar voren gekomen dat z'n niertjes niet meer helemaal optimaal werken. Hij is meteen op een speciaal dieet gezet en over een maand weten we meer.

dinsdag 24 december 2013

Stil kijken


'Wat is er toch aan katten, dat zij in staat zijn om bij mensen dat eigenaardige gevoel van bekoring en verlangen op te roepen? Is het erfelijk? Hoe lang bestaat het al? In mijn somberste momenten denk ik wel eens aan al het spinnen dat er, miljoenen jaren lang, door katten is gedaan terwijl er nog geen mensen waren om ernaar te luisteren. De natuur is vol verspilling.
Zo ook dat gevoel van verlangen. Waarnaar eigenlijk?
Ik denk naar de grote uiteindelijke communicatie. Het wegvallen van alle obstakels die ons – katten en mensen – op het ogenblik nog scheiden. Een gevoel van: éénmaal komt het ogenblik dat we het elkaar allemaal zullen kunnen vertellen, zonder inspanning, zonder kans op misverstand. Later, later.
(...)
Het enige wat je kan doen, met dieren zowel als met mensen (...), is naar ze kijken terwijl ze nog leven, naar ze kijken en ze tegen je aandrukken; niet later, maar nu, nu.'

Rudy Kousbroek, De aaibaarheidsfactor, 8e dr., Amsterdam, 1979, p. 5-8.

zaterdag 21 december 2013

Overwinteren

WinterWelVaart Groningen 2010
't Lijkt wel een kerstkaart.

Het is weer WinterWelVaart in Groningen. En dat is leuk, vooral als het bitterkoud is, zoals in 2010, toen wij er waren, aan de Hoge en Lage der A.

WinterWelVaart Groningen 2010
En deze wat minder.

woensdag 18 december 2013

Op z'n Katteks ezààd

En hier is weer zo'n lekker boekje vol verhalen over Katwijk en het Katwijks, met als extra een sprookje! Door Jaap van der Marel, met frisse plaatjes van Bert van der Meij.


De flaptekst: 'Dit boek behandelt in achtentwintig korte hoofdstukjes een breed scala aan onderwerpen over het dialect van Katwijk aan Zee. Als toegift bevat het een vertaling in Katwijks dialect van een bekend sprookje. De auteur streefde ernaar een zo levendig mogelijk beeld te schetsen van de taal van Katwijk aan Zee en een en ander vast te leggen voor latere generaties.

Jaap van der Marel (1949) publiceerde eerder over het Katwijks en de sfeer in het Katwijk van de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw in Een handvol rozers (Leiden 2008). Met Leendert de Vink stelde Van der Marel in 2010 een boekje samen met Katwijkse spreuken en gezegdes: Wel wel, 'n huis mit 'n bel en dan nog vollek roupe! (Leiden 2010, tweede druk 2012). Op z'n Katteks ezààd ('Op z'n Katwijks gezegd') bevat alle stukjes die de schrijver in de periode 2009 tot medio 2013 schreef voor De Katwijksche Post. Bert van der Meij tekende de illustraties.'

Uitgegeven door Primavera Pers en te koop voor € 9,50 in alle boekwinkels, musea, cultuurhuizen en wat dies meer zij. 88 pag. ISBN 9789059971639.

vrijdag 13 december 2013

La Grande Bellezza


We zijn er nog langsgelopen, op weg naar het restaurant, de Fontana dell'Acqua Paola op de Piazzale Garibaldi, op het hoogste punt van de stad. Niet wetende dat hier iedere dag om twaalf uur 's middags een kanon wordt afgevuurd, waarmee de film begint. Overdag stoppen er de bussen met toeristen, in de avond en nacht is het de plek voor grootse feesten. In de film dan. Waar alles bruist. Maar onder het plezier schuilen het ouder worden en de melancholie. We zien mooi acteerwerk en prachtige beelden van de stad. La Grande Bellezza ('De grote schoonheid') draait nog.

dinsdag 10 december 2013

Mooie middag met muziek

Nederlands Philharmonisch Orkest - 8-12-2013

Dat is zoiets machtigs, zo'n heel orkest, al die instrumenten, vierenzeventig man-vrouw sterk, allemaal tegelijk, geen valse noot, niet eentje te vroeg of te laat, geen duizendste seconde. Want dat zou je horen. De melodie, alles wat telkens weer terugkomt, o eeuwige cadans, spel tussen hoog en laag, snel en langzaam, hard en zacht. Al die violen, cello's, bassen. Al die stokken tegelijk de lucht in. Hard werken. Muziek is wat je hoort. Het moment een feest!

Nederlands Philharmonisch Orkest - 8-12-2013

Zondag waren we weer even in het Concertgebouw. Cadeautje van m'n vriendinnetje. Dit keer met de muzikanten van het Nederlands Philharmonisch Orkest. Ze begonnen de middag met de ouverture Ruy Blas van Felix Mendelssohn (1809-1847), geschreven voor het gelijknamige toneelstuk van Victor Hugo, een romantisch drama over intriges aan het Spaanse hof. Daarna volgde Symphonie espagnole van Édouard Lalo (1823-1892), vol Spaans temperament, zware grondtonen met als je goed luisterde, een flard flamenco, daardoorheen de vloeiende vioolsolo van Alexander Sitkovetsky. Na de pauze gingen we naar noordelijker streken, met Mendelssohns Schotse symfonie. In vliegende vaart, met een knallend slotstuk.


Om daarna nog even passend na te genieten bij Wildschut, met een overheerlijke zuurkoolstamppot.

donderdag 5 december 2013

Recht, en dan weer schuin schrijven – Lagereschooltijd (4)


En kijk, ze schrijven nu weer schuin. Terwijl wij toen juist weer recht moesten leren schrijven. Ik zie de voorbeeldletters op een kaart naast het bureau van de juffrouw.

maandag 2 december 2013

Zorro wordt oud (1)

Wat ben je toch fotogeniek!

...en hij is dol op water. Water drinken en kopjes geven, dat is het liefste wat hij doet. En terwijl ik dit opschrijf, nog in het klad, moet ik oppassen dat ie m'n pen niet wegduwt (waaruit de lezer niet moet opmaken dat ik m'n stukjes altijd eerst op papier schrijf).
Water drinkt hij altijd uit de kraan boven de wasbak in de douche. Sinds een jaar staat daar een trapje voor, zodat ie er gemakkelijker bij kan. Normaal moest ie dan via de bovenranden van de verwarming verder klimmen. Maar ook daar hebben we het huis nu op Zorro aangepast. Want hij begint die randjes een beetje vervelend te vinden. Dan moet ie te veel balanceren. Ik heb er een plankje op gemaakt, verankerd tussen de twee verwarmingselementen. Zo bestaat het trapje nu niet meer uit twee maar uit drie treden en doet het geen zeer meer aan z'n voetjes.

woensdag 27 november 2013

Klas 6B – Lagereschooltijd (3)


De kast waarop de AO-boekjes stonden, is er nog, links als je binnenkomt. De kast is wit geverfd en de knoppen van de kastdeuren, volgens mij zijn het schuifdeuren, zijn vernieuwd. Ze zijn blauw. De deur naar de parallelklas is er ook nog. Die is groen. Het uitzicht is er nog, door de zes grote ramen, en al dat licht dat daardoor naar binnen valt. Aan het plafond hangt een beamer. Die was er niet, toen. Net als het bord, waarop niet meer met krijt wordt geschreven.

Op vrijdag 4 oktober was ik weer even in klas 6B,* de klas van meneer Grootendorst, die we ook in klas 5B hadden gehad. Dat was exact 40 jaar na dato. In 1973 viel die dag op donderdag.

De Christelijke Opleidingsschool was een heerlijke school, ruim en open, waar het altijd zomer was. En volgens mij is het dat nog steeds. Een school waar je al heel vroeg huiswerk meekreeg en pas om halfvier naar huis mocht om aan dat huiswerk te beginnen. Maar dat was helemaal niet erg. Want alles wat ik er geleerd heb, alle rijtjes van taal en rekenen en aardrijkskunde en wat nog meer, slagbal en overlopertje doen op het plein, hebben me gevormd, gemaakt tot wie ik later geworden ben. De jaren op de Opleidingsschool waren stellig de gelukkigste jaren van m'n leven. Ik bewaar er dierbare herinneringen aan.

* Tegenwoordig zit daar groep 5. Maar dan begin je te tellen vanaf de kleuterschool. Vroeger was dat  de derde klas.

zondag 24 november 2013

Harenmachine


Hé Zorro, weet je wat Midas maandag vertelde? Dat jij het meest aaibare wezen bent dat er op de wereld bestaat – maar dat wist ik natuurlijk al. En dat kwam, volgens Midas, doordat jij van alle dieren de meeste haren hebt, wel 40 miljoen, waarvan 5 miljoen op je rug en 5 miljoen op je buik. De overige 30 miljoen haren zitten in de bank waarop je altijd ligt, en die krijg je er nooit meer uit, zei die, en dat als je ligt te snorren, te spinnen, dat dat de machine is die je dan hoort die al die haren aanmaakt, steeds maar weer nieuwe haren, de hele tijd door, van binnen naar buiten. Nou weet ik niet hoe het er thuis bij Midas uitziet, maar hij heeft vast niet zo'n handige Furminator.

Midas Dekkers hield afgelopen maandag een lezing in de Katwijkse bibliotheek.

dinsdag 19 november 2013

Het filmzaaltje – Lagereschooltijd (2)


Boven in de school hadden we een filmzaaltje, waar eens in de zoveel jaar een zendeling kwam vertellen. Die had dan dia's. Het filmzaaltje was op de derde verdieping. Het was spannend, want het was een andere ruimte dan de klas. Aan weerszijden van het middenpad stonden achter elkaar houten banken, die kraakten en heel veel herrie maakten als je erin ging zitten. Dan bewoog de rugleuning helemaal. Net of ie naar achteren boog, maar dat kon natuurlijk niet, want de leuning was van heel stevig hout, net als de bank waarop je zat. Je kon er met z'n drieën in, in zo'n bank. De banken stonden aan elkaar vast op de vloer. Als het nog niet donker gemaakt was, keek je over het graf, door een groot raam. Je zag een grote vlakte met allemaal witte stenen. Als de zon scheen, schitterden ze in je ogen. Als je van de eerste verdieping kwam, uit de eerste of de tweede klas, zag je dat misschien wel voor het eerst. Klas voor klas ging je de trappen op. Je was dan zo hoog als je nog nooit geweest was, zo hoog dat het was alsof je eroverheen vloog, over het graf. Alsof je in een vliegtuig zat, hoog in het midden voor in de school, met de banken allemaal recht vooruit naar het raam toe gekeerd. De klaslokalen opzij, de klassen 5 aan je linkerhand, en de klassen 6 aan je rechterhand, waren dan de vleugels. Van elke klas waren er twee, het was een grote school... een groot vliegtuig.
Aan het plafond hing aan touwen die over katrolletjes liepen een groot zwart scherm dat scharnierde met het raam. Als het naar beneden ging, was het zwart aan de buitenkant en was het wit aan de binnenkant en konden de dia's met zwarte mensen en de hutjes waarin ze woonden en leeuwen en tijgers vertoond worden en begon de zendeling met zijn verhaal.


Ik ben er nog even opaf gegaan, dat filmzaaltje in m'n ouwe school. Het is nu een computerzaaltje. In mijn herinnering was het natuurlijk veel groter, want ik was nog maar klein, maar dat het zo smal en lang was, dat klopte nog wel. Toch een vliegtuig. Een vliegtuig om in naar Afrika te vliegen.


De ramen hadden ijzeren sponningen. Nu zijn ze van kunststof. Maar de bomen moeten toen veel kleiner zijn geweest, want van het graf, al die witte stenen, blikkerend in de zon, is niks meer te zien.


zondag 17 november 2013

Aïda


Wat een drama was dat vanavond, met die legerhoofdman en die twee prinsessen.


En iedereen kon het zien, en horen...


... in het circus aan de Amstel.

De opera van Verdi werd uitgevoerd door het koor, orkest en ballet van de Staatsopera van Galati, met Italiaanse solisten. Voor de vertaling was er boventiteling.

zaterdag 16 november 2013

Zie ginds komt de stoomboot!

Sint en zijn Pieten komen aan in Katwijk - 2013

Het zijn barre tijden en het bezoek is omstreden maar ze zijn er toch maar weer en daarna ben je nog uren bezig met je gezicht te wassen. Ga d'r maar aan staan.

Sinterklaas en Zwarte Piet in de koets in Katwijk - 2013

dinsdag 12 november 2013

Het verhaal van de Tachtigjarige Oorlog – Lagereschooltijd (1)

Tessa de Loo: Kenau

Ik las Kenau, over die sterke vrouw uit Haarlem in de Tachtigjarige Oorlog, en alles kwam weer boven. Van de platen van Isings. Maar die hadden wij al niet meer. Wij hadden AO-boekjes, in een lange rij op de kast. Voor als je een spreekbeurt moest houden. En als de meester of juffrouw ziek was – wij moesten op school* meneer en mevrouw zeggen –, ging de deur tussen de klassen** open en kwam de hoofdmeester, meneer Sleeboom, daar een verhaal over vertellen, over de Tachtigjarige Oorlog. Over Den Briel en de geuzen. De ketters, de Spanjaarden, Willem van Oranje en 1600 Slag bij Nieuwpoort. Altijd als ik aan de Tachtigjarige Oorlog denk, denk ik aan Sleeboom en de verhalen die hij daarover vertelde.


* Op 3, en ook nog eris op 4 oktober, klopte ik zomaar aan bij mijn oude lagere school, de Christelijke Opleidingsschool te Katwijk aan Zee. Ik dank Blondi van der Woude en Maarten Pronk voor hun gastvrije ontvangst.
** Van iedere klas waren er op de lagere school twee parallelklassen.

vrijdag 8 november 2013

Caffè Greco


Goethe kwam hier, en Keats, en nog een andere schrijver, Byron, de componisten Liszt, Wagner en Bizet, en Casanova en 'de waanzinnige koning Ludwig van Beieren', lees ik in de reisgids. Misschien is ook de paus hier al geweest. Naar verluidt gaat hij ook wel eens naar de markt. Dus waarom niet dan ook nog even een kop koffie?


We lezen verder. Toeristen nemen plaats in het pluche, langs 'muren vol portretten van beroemde gasten van het café'. Bediend door obers in jacquet. Wij zoeken onze plek aan de bar, tussen de zakenlieden en andere Italianen die weer gauw verder moeten.


Bron: Olivia Ercoli, Ros Belford & Roberta Mitchell, Rome, vert. door Jaap van Klinken & Jacqueline Toscani, 15e dr. Houten, Van Reemst Uitgeverij, 2005, p. 133. Capitool Reisgidsen.

donderdag 7 november 2013

Uit het raam (2)


En zo klonk dat dan, uit het raam van zijn bibliotheek.

woensdag 6 november 2013

Uit het raam (1)

Paus Franciscus op Sint-Pietersplein Rome - 03-11-2013

Niks geen kansel of balkon. Gewoon uit het raam, doet-ie dat, z'n verhaal afsteken. Zoals afgelopen zondag...

Paus Franciscus op Sint-Pietersplein Rome - 03-11-2013

Wacht, ik zal 'm nog even verder inzoomen.

Paus Franciscus op Sint-Pietersplein Rome - 03-11-2013

vrijdag 1 november 2013

dinsdag 29 oktober 2013

Biografie


Hier kan ik me nu al heel erg op verheugen.

Willem Otterspeer, De mislukkingskunstenaar. Willem Frederik Hermans. Biografie, deel 1 (1921-1952), Amsterdam, De Bezige Bij, 2013.

zondag 27 oktober 2013

Waar het gras altijd groener is

Dolf Jansen & Margriet Jeninga: Waar het gras altijd groener is

Waar het gras altijd groener is, van Dolf Jansen en Margriet Jeninga, is een heerlijk kijk- en leesboek. Met hun kinderen Aike en Cian verhuizen ze naar de westkust van Ierland. Of ze er ook echt gaan wonen, is nog de vraag. Voorlopig emigreren ze op proef en is het huis wat ze kopen, in Lauragh, Beara, hun tweede huis. De kinderen gaan er gewoon naar school, bij juf Mary, en de ouders mengen zich onder de overige bevolking: Johnny, van de schapen en de hazewindhonden, Peter en Margaret en hun dochters Yosta en Mayra, van pannenkoekenrestaurant en galerie Strawberry Field, en Darina en Kate, die ze spreken in het Bookshop Café. Verhalen over familie, het Ierse leven, maar ook over wat katholicisme, Engeland en Europa met de Ieren gedaan hebben. Het boek eindigt met een verslag van de beklimming van de berg (eigenlijk meer een heuvel) Hungry, die een ware beproeving blijkt in de mist.
De verhalen zijn afwisselend geschreven door Dolf en Margriet, met tussendoor de kinderen opgevoerd in interviews met de vader, die een Ierse moeder heeft. Vandaar die band met het land. De verhalen van Margriet lezen wel wat prettiger, een tikje ongedwongener dan die van Dolf. Omdat hij schrijft zoals hij praat en je in zijn stukken soms iets te vaak het toontje van de cabaretier erdoorheen hoort, zoals wanneer ze nog voor de beklimming aan de voet van de berg Hungry aankomen: 'Ah, we zijn er. Het weggetje eindigt bij meertje, hek, pad. We gaan, uitroepteken.' Maar dat went, en het blijft een heerlijk boek, vol foto's van het wonderschone landschap en de vriendelijke mensen die er wonen.

Dolf Jansen & Margriet Jeninga, Waar het gras altijd groener is. Ierland, ons tweede moederland, [Amsterdam], Thomas Rap, 2013.

woensdag 23 oktober 2013

Naar Whitebridge

Erik Lindner: Naar Whitebridge

De hoofdpersoon in deze roman van Erik Lindner reist naar Whitebridge, een dorp in de Highlands in Schotland. We volgen zijn omzwervingen in het gebied rondom het dorp, op en rond het Dell Estate, met het landhuis. Eindeloze omzwervingen, tochten naar Foyers, Fort Augustus en Inverness, het Knockie Estate en Glendoe Estate, over Loch Ness en naar het ronde loch.
De moeder van de hoofdpersoon, Elizabeth, is manisch-depressief. Dokter Bennet legt de hoofdpersoon uit wat dat is en vraagt hem de pillen te tellen die zijn moeder inneemt. Er is ook nog een grootmoeder, in Nederland, in Den Haag.
Het Dell Estate is van de graaf van Bradford. Als hij doodgaat, wordt het landgoed van zijn oudste dochter, Lady Serena. John leert haar paardrijden.
De hoofdpersoon vaart langs de oevers van Loch Ness en doet een macabere vondst. Later gaat hij er weer naar op zoek maar ook weer niet. Hij blijft maar langs de oevers varen, op zoek naar een plek om aan te leggen. Hij vaart het loch over, met William. William is altijd bij de boten en het boothuis. Er is de dreiging van de graaf die doodgaat. Wat gebeurt er dan met de bewoners van het Estate?
Er komt een meisje met een rugzak het landgoed opgelopen dat Henriëtte heet. Zij en de hoofdpersoon gaan zwemmen in een loch. Ze heeft kleine puntborsten en kleine, ronde billen. Er is een hondje dat Dell heet, net als het Estate. Als ze na het zwemmen naast elkaar teruglopen, loopt het hondje op ze vooruit en staat te wachten met een ingetrokken pootje.
Er zijn een gardener en een gamekeeper, er is een jager die geen jager is. Een groep Duitse toeristen wordt het loch overgevaren. De hoofdpersoon en het hondje lopen naar Foyers, naar de Spar. Er is een pub, er zijn de velden. Het is stil in het boek. De zinnen zijn poëtisch. Als lezer blijf je maar lopen, varen, zoeken, alle kanten op.

In deze video vertelt Erik Lindner over Naar Whitebridge.

dinsdag 22 oktober 2013

Zwarte Piet de zwartepiet


En... moet ik m'n schmink dan straks ook inleveren bij de Verenigde Naties?

zaterdag 19 oktober 2013

Slopen in 1578 (3), of hoe het echt zit


Het raadsel van de gevelsteen in de Maarsmansteeg (Slopen in 1578 (1) en (2)) is opgelost. Van Piet de Baar ontving ik de volgende, alles verduidelijkende reactie (doorgestuurd via Els Koeneman), die ik hier in zijn geheel weergeef:

'Van oudsher liep er achter het Stadhuis een steeg, zoals nu nog de Dwarskoornbrugsteeg bestaat. Die steeg heette soms Torensteeg (omdat hij onder de Stadhuistoren liep) of soms Kloksteeg (vanwege de klok(ken) van het Stadhuis). In 1578 kregen de twee eigenaars van de panden in de Maarsmansteeg aan weerszijden van de uitmonding van de steeg toestemming van burgemeesteren om de poort met een deur af te sluiten, omdat er inderdaad in de poort allerlei zaken plaatsvonden die eigenlijk het daglicht niet konden velen. Aangezien dat gedoe ook achter het Stadhuis of zelfs onder de Stadhuistoren plaatsvond, en die toren in januari 1573 in brand gevlogen was, waardoor het hele bovenste gedeelte in de as gelegd werd, zal het vermijden van het risico op bijvoorbeeld brandstichting ook wel meegespeeld hebben. Van een doorloop werd het een doodlopende steeg, alleen toegankelijk vanaf de Koornbrugsteeg en uiteindelijk daar ook afgesloten met een hek, waarvan alleen de belanghebbenden sleutels hadden.
Er werd een muur gebouwd midden in de poort, mede ter verbetering van de afscheiding van de terreinen van de stad en de winkeliers in de Maarsmansteeg. In 1647 werd toestemming gegeven de muur te verhogen en op 19 oktober 1654 verwierf de noordelijke buur, Jan de Buff, zijn deel van de poort in eigendom. Rond die tijd zal ook de zuidelijke buur zijn deel van de poort wel gekocht hebben, maar daarover werd in het Leidse archief geen informatie gevonden. De gemeenschappelijke deur kon niet blijven en dus kwamen er twee deuren, die toegang gaven tot de respectievelijke achtererven van die winkeliers.
Zo is het gebleven, tot na de verwoestende Stadhuisbrand van 1929, toen de winkels maar ternauwernood gered konden worden. In het kader van de herbouwplannen is er buitengewoon veel gesteggel geweest over de poort, maar uiteindelijk is de situatie bestendigd. Er werd alleen een nieuwe muur gebouwd, plus twee nieuwe deuren in de Maarsmansteeg met daarboven een stuk muur, waarin de originele steen uit 1578 herplaatst werd.
In 1578 was het een soort toestemming onder voorwaarden. De buren mochten de poort afsluiten, maar als burgemeesteren om welke reden dan ook ooit spijt zouden krijgen van hun generositeit, konden ze hun toestemming herroepen en dan waren de buren verplicht de poort weer open te maken, dus de deur weg te breken. Nu de gemeente geen eigenaar meer van de grond van de poort is, is het natuurlijk een loos recht geworden, maar puur omwille van de herinnering (oudheidswaarde) is de steen herplaatst.'

woensdag 16 oktober 2013

Zo heerlijk rustig

'Heel alleen aan het strand, lekker lui in het zand'
(Zo heerlijk rustig – M. Philippe-Gerard / Jean Dréjac / Jean Senn / Wim Sonneveld – 1962)


Heel alleen aan het strand
Lekker lui in het zand
Zo heerlijk rustig

Met je hoed heel gracieus
Op de punt van je neus
Zo heerlijk rustig

Er kwam een bootje over zee
Dat nam al je misère mee

En je ligt heel alleen
Alles is om je heen
Zo heerlijk rustig

Er klinkt een mondharmonica
Die speelt do re mi fa sol la
Tra la li tra la la
Zo heerlijk rustig, ja ja

En een deuntje ontstaat
In dezelfde maat
Zo heerlijk rustig

Heeft een heel eigen taal
En het klinkt allemaal
Zo heerlijk rustig

De man met de mondharmonica
De kinderen met hun pa en ma
En de golven op zee
Deinen rustigjes mee
Zo heerlijk rustig

En in de lucht daar drijven nou
Wat witte wolkjes in het blauw
Niet te gauw, niet te gauw
Maar heerlijk rustig
Ja ja

En heel stil, heel tevree
Zakt de zon in de zee
Zo heerlijk rustig

Zet de lucht en het strand
In een laaiende brand
Zo heerlijk rustig

En plotseling zwijgt de muzikant
De kinderen zitten hand in hand
Maar de zee ruist nog voort
Dat is al wat je hoort
Zo heerlijk rustig

De mensen blijven even staan
Voordat ze weer naar huis toe gaan
En ze zuchten voldaan
'Wat was dat rustig'
Ja ja

zaterdag 12 oktober 2013

Gisteren in het Haarlems Dagblad

KLM-huisjes

Dat KLM-huisjes en Huize Zeezicht beide ongekend populair zijn, bleek gisteren. Ga naar het artikel op de website van het Haarlems Dagblad en klik op 'Lees hier hoe iemand verliefd werd op de huisjes en ze ging verzamelen'.

Hetzelfde artikel staat in de Gooi- en Eemlander, de IJmuider Courant en in het Leidsch Dagblad.

donderdag 10 oktober 2013

KLM-huisjes (3)


Kijk es, wat mooi! Mark Zegeling is in alle 94 huisjes op visite geweest en schreef daar een prachtig boek over. Een boek waar je niet omheen kan: 432 pagina's dik, 307 x 240 x 27 millimeter in omvang en 2129 gram zwaar! Vol verhalen over wat zich achter de gevels van de KLM-huisjes heeft afgespeeld. Verhalen van lang geleden en van wat recentere datum, waarin een bonte stoet van historische figuren voorbijtrekt: Willem van Oranje, Rembrandt van Rijn, Vincent van Gogh, Toon Hermans, Mick Jagger, Helene Kröller-Müller, Peter Stuyvesant – van 'de wereld van...' – Richard Nixon, keizerin Sissi, Jan Steen, Frank Lloyd Wright, enz. enz.
Een beetje vreemdsoortig geschiedenisboek is het natuurlijk wel, dat de geschiedenis van deze min of meer toevallig bij elkaar terechtgekomen miniatuurhuisjes belicht. De verzameling bepaalt de inhoud van het boek. Maar dat maakt dit boek nou juist zo leuk. Daarbij komt ook de architectuur van de panden uitgebreid aan bod, en passeren nog tal van andere wetenswaardigheden het oog van de lezer. Een heerlijk boek voor als het een beetje kouder wordt, sneeuwvlokjes naar beneden dwarrelen en alleen spanjolen zich nog op de daken wagen. Dus steken we de open haard maar eens aan en gooien nog een blok hout op het vuur, een glaasje binnen handbereik. En als het een beetje heeft meegezeten in het leven, dan bevinden we ons met dit tijdverdrijf achter zo'n mooie gevel.

Ga naar de website van Mark Zegeling en neem alvast een voorschot op de inhoud van boek door onder boek op de diverse plaatjes te klikken. De plaatjes corresponderen met de hoofdstukken die over de huisjes gaan.

En om niet heel Huize Zeezicht door te hoeven spitten, heb ik KLM-huisjes (1) en (2) hier ook maar even aanklikbaar gemaakt.

maandag 7 oktober 2013

Foetsie!

Strand en boulevard Katwijk aan Zee 30-9-2013

Kijk, zo ver is het, van het nieuwe strand tot de boulevard. Dus waar dan het nieuwe strand begint, het mulle zand van het nieuwe strand, daar sta je nu, op wat nu nog het natte zand is. En dan komt die duin, die dijk – wat is het? – daar nog voor. Dus de kerk, die zie je niet meer. Die is weg, foetsie!

1 april, dan is het zover, dan is ons baken aan zee voor altijd weggestopt – en dat is geen grap.

De modelbouwers van het Katwijks Museum kunnen alvast beginnen met een maquette van de boulevard te bouwen anno 2013.

dinsdag 1 oktober 2013

De boulevard van Katwijk aan Zee – Wat ik (nú al) mis (13)

Boulevard Katwijk aan Zee

Dit komt nooit, nee, nóóit meer terug!

Alles gaat op de schop, alles moet wijken. Voor een storm eens in de duizend of tienduizend jaar. Of morgen al. En zelfs dat is niet zeker. Maar áls het morgen gebeurt, of overmorgen, of volgend jaar... zijn we toch nog te laat.

Alles wordt anders, je kent het niet meer terug. Voor een storm eens in de duizend of tienduizend jaar. Of morgen al. We weten het niet. Maar áls het over duizend jaar gebeurt, of tienduizend jaar... gaan wij dat niet meer meemaken.

Als ze dán nog weten hoe het was.

Dat dorpje aan de zee. Waar de schuiten aan het strand kwamen, tot aan die mooie, oude kerk.

Konden ze maar weten hoe dát was.

zondag 29 september 2013

Zomers genieten

The Comedy - Katwijk

... gistermiddag op de boulevard van Katwijk aan Zee, met een Texelse Skuumkoppe bij The Comedy.


Boulevard Katwijk aan Zee

zaterdag 28 september 2013

Bramenjam


En de bramenjam, die we meekregen uit Friesland, is helemaal op!

dinsdag 24 september 2013

Slopen in 1578 (2)

Geen huis boven 'loze' deuren. In het boekje Leiden gebeiteld. Gevelstenen binnen de singels van Annemarie Postma (Leiden, 1993, p. 97) vond ik de oplossing van het raadsel in de Maarsmansteeg: 'Na het beleg van Leiden in 1574 werd het stadhuis enkele malen uitgebreid. De tekst op de gevelsteen herinnert waarschijnlijk aan de wens van de burgemeesters in 1578 tot afbraak van de daar aanwezige poort.'

zaterdag 21 september 2013

Slopen in 1578 (1)



In 1578 werd er in Leiden een huis afgebroken. Dat gebeurde op last van de burgemeesters.* Daaraan herinnert deze gevelsteen. Ik kwam hem tegen op vrijdagmiddag 24 mei, luttele ogenblikken nadat ik in de Breestraat de deur van de laatste boekwinkel achter mij had dichtgetrokken. Het begon te regenen. Ik zocht een schuilplaats in de buurt van waar ik mijn fiets had neergezet, haalde hem nog gauw even van het slot en positioneerde mijzelf met rijwiel onder het afdak van een winkel in de Maarsmansteeg. Toen ik zag dat het de winkel van een juwelier was, verplaatste ik mij vliegensvlug naar het afdak van de winkel ernaast. Mochten er juist op het moment dat ik daar stond mannen met bivakmutsen voorbij willen, dan stond ik niet in de weg en konden ze ongehinderd in- en uitlopen. En stel dat ik onder het afdak van de juwelier was blijven staan en door het voorval op de vlucht had moeten slaan, dan zou ik alsnog nat geworden zijn, want het was inmiddels harder gaan regenen. Het was in alle opzichten de juiste beslissing dat ik onder het afdak naast de juwelier was gaan staan. De bivakmutsen zouden mij niet zien, en ik zou hen niet zien, en ik bleef droog. Juwelen, daar kon je maar beter verre van blijven.

De 'loze' deuren in zonniger tijden.

Terwijl ik daar stond, ontwaarde ik tussen de schoenenwinkel en de porseleinwinkel aan de overkant die gevelsteen, boven twee 'loze' deuren. Loos, omdat er geen huis aan die deuren vast zat, er geen gevel met ramen boven te zien was, zoals dat bij normale huizen het geval is. Alleen een stukje opgemetselde muur, met daarin die gevelsteen. Uit de gevelsteen werd duidelijk dat er vroeger wél een huis gestaan had, dat in 1578, meer dan vier eeuwen terug, was afgebroken. Daarna had de grond waarschijnlijk voor langere tijd braak gelegen, was er een steeg, een slop, een achterom of andere doorgang geweest. Want de deuren die het gat nu vulden, waren duidelijk van een recentere tijd. Maar misschien dat ze andere deuren vervingen, die er al in de zestiende eeuw waren ingezet, of een poort of hek, om overlast tegen te gaan. Zoals wildplassen. Als dat woord in de zestiende eeuw al bestond. Of wildpoepen? Zulke goede sanitaire voorzieningen als in onze tijd hadden ze toen vast nog niet. Dus maakte het weinig verschil of men zijn of haar behoeften nu binnen of buiten, op straat, deed. Maar om dat nou 'wild' te noemen...


Twee etsen van Rembrandt Harmensz. van Rijn, links: Waterende man,
1631, 82 x 48 mm, rechts: Waterende vrouw, 1750-1850, 98 x 84 mm.

Om een lang verhaal kort te maken: toen de nieuwe deuren erin waren gezet, moet ook de gevelsteen zijn teruggeplaatst. De steen was ouder dan de muur waar hij ingemetseld zat. Blijkbaar was er heel wat te doen geweest rondom de sloop. De steen was overduidelijk een protest. Als de burgemeesters degenen waren die de sloop hadden gewild, waren de aanbrengers van de steen degenen die dat zeker niet hadden gewild.

Terwijl ik hier zo mijn gedachten over aan het laten gaan was, was het opgehouden met regenen. Ik kon mijn weg vervolgen. Het kleine oponthoud – meer dan een kort maar stevig buitje was het toch eigenlijk niet geweest – had mijn kennis op onnavolgbare wijze vermeerderd.

* Daar waren er toen vier van.

dinsdag 17 september 2013

Dit is Friesland


Met heel veel groen. Het groen van de griene greiden, 'grazige weiden', van pompeblêden in de sloot. Zolang er geen ijs ligt.


Het afgelopen weekend werden we in het wonderschone Friesland gastvrij onthaald door Wil en Arris en Ellen en Willem, met heerlijke ontbijtjes, met versgebakken broodjes en eitjes van de kip, met cappuccino met cacao, met suikerbrood en allerlei lekkers uit de Thaise en Italiaanse keuken, en niet te vergeten de vele soorten whisky, Schotse whisky, van het eiland Islay en uit het plaatsje Dumgoyne in de Highlands, die in optocht voorbij kwamen. Die optocht begon met Bowmore 'Legend', licht en sprankelend, de smaak van citrus en honing staat er op de fles. Na een glaasje water volgde The Ileach 'Peaty',* met, zoals de toevoeging al aangeeft, wat meer een turf- en rooksmaak, wat voelt als een explosie op de tong. Derde in de rij was een twaalf jaar oude Caol Ila. Niet de smaak van de frisse morgenzon maar droppig. Nummer vier was een zestien jaar oude Lagavulin, die je mond weliswaar in brand zet, maar wel een mooie, zachte afdronk heeft. De optocht werd afgesloten met een twaalf jaar oude Glengoyne, whisky met de smaak van rum. Al deze single malts werden voorzien van het uiterst leerzame commentaar van Willem.


We genoten we van het Friese landschap, het Oranjewoud, met vier mannetjes bij een busje, eentje met een vlag, uren wachtend op een groepje lopers, die 35 kilometer liepen voor Kika. We liepen door het veen van de Deelen, kwamen door al die dorpjes, waarvan er zoveel zijn: Woudsend, St. Nicolaasga, Balk, Britswert en Indijk. En omdat je er van de laatste twee hebt, bóven en ónder Sneek, waren we Wiuwert helemaal kwijt. Die mummies blijven nog wel tijdje goed. En Workum. Dát is een mooi plaatsje! Met de warm-realistische schilderijen van Jopie Huisman. Wat een talent! Altijd voddenboer gebleven. Was dat zijn redding?

Exact ditzelfde botervlootje met suiker, maar dan op doek geschilderd,
is te zien in het Jopie Huisman Museum.

Ileach betekent 'man van het eiland Islay', vandaar de toevoeging op het etiket: 'The man from Islay'.